Pony's en ezels



Op de kinderboerderij zijn twee pony’s en twee ezelinnen.

Shetland pony’s ( Macho & Zowie )

Oorspronkelijk komen Shetlandpony’s van de Shetlandeilanden, ten noordoosten van het vasteland van Schotland. Het is daar winderig en koud en dat betekent dat deze pony’s van oorsprong gewend zijn aan weinig eten en lange stukken wandelen. Daarom zijn ze ook klein, maar stoer en gespierd. Omdat Shetlanders zo klein en gespierd zijn, zijn het niet echt rijpony’s. Toch is het een geweldig leuk dier voor kleinere kinderen om op te leren rijden en met paarden te leren omgaan. Ze zijn heel knuffelig en vaak nog veel eigenwijzer dan een “echt” groot paard!

Ezels ( Nele & Cato )

Onze huisezel stamt af Afrikaanse wilde ezels. Hij leeft in kleine kuddes, het zijn groepsdieren die van gezelschap houden. De ezel is een vluchtdier, maar in plaats van gevaar te ontvluchten zal hij zijn leefgebied proberen te verdedigen. De ezel is een hoefdier en verwant aan het paard. Ezels hebben echter grotere oren, een breder hoofd en kortere manen dan paarden.   Vroeger leefden ezels op een rotsachtige bodem en bij warm weer. Het is dus nodig de ezels een droge ondergrond te bieden. Maar ze hebben ook een stal of afdak nodig aangezien hun vacht niet waterdicht is. Het karakteristieke geluid dat een ezel maakt heet balken. Mensen gebruiken vaak het spreekwoord “zo dom als een ezel”. Ezels zijn niet dom,  eigenwijs zijn ze wel, maar altijd op een manier waar je om kunt glimlachen. De ezel is een bijzonder geduldig en lankmoedig dier. Zeker is wel dat hij zijn humeur en temperament heel duidelijk toont. Als voer heeft hij genoeg aan hooi en stro, ezels worden namelijk erg snel te dik.