Pluimvee



Ganzen

Wij hebben 3 ganzen, 1 ganzerik Remy met 2 vrouwtjes Nicolet en Dons.

Ganzen werden al 3000 tot 4000 jaar geleden door de oude Grieken gebruikt voor het bewaken van hun tempels. De tamme gans is een grappige, eigenwijze grote vogel. Behalve dat ze gezelligheid brengen, doen ganzen ook dienst als erfbewakers: ze kunnen flink gakken als er vreemden komen! Ganzen zijn groepsdieren, die op z’n minst in een koppel gehouden moeten worden. Met de leeftijd van een jaar zijn tamme ganzen geslachtsrijp. De gans legt om de dag een ei, meestal vanaf maart. Ganzen broeden in ongeveer vier weken hun eieren uit. Genten beschermen hun ganzen door een dreigende houding aan te nemen, hun nek te strekken en te blazen. Tegen het eind van het broedseizoen neemt het agressieve gedrag van de genten weer af. Ganzen zijn grazers. Ganzen zijn geharde dieren en houden het prima uit zonder schuilgelegenheid. Het zijn landvogels maar een vijver is nodig om in te baden, te paren en in weg te vluchten.

Gehoord op de boerderij:

Bij de maisautomaat staat een heel klein meisje met een net getapte beker mais. Gans Remi, geen kleine jongen, heeft het op de beker voorzien en komt blazend op haar af. Het kleine meisje drukt de maisbeker tegen zich aan en zegt kordaat: «Je mág niet blazen, dat is niet lief! Dat vind je ook niet leuk als ik dat bij jou doe!»

Kippen

Alle kippen stammen af van het rode Kamhoen. Kippen worden al zo’n tienduizend jaar door mensen gehouden. Kippen zijn sociale dieren die van nature leven in kleine groepjes van een haan en enkele hennen. De groep heeft een duidelijke rangorde, dat noemen we de pikorde. De haan verdedigt zijn hennen tegen indringers en waarschuwt voor gevaar. Hij lokt de hennen naar voedsel en naar een veilige slaapplaats en is nodig als je kuikens wilt. Kippen zijn intelligenter en hebben meer emoties dan menigeen denkt. Kippen kletsen heel wat af met wel 30 verschillende geluiden. Kippen die los lopen scharrelen voor een groot deel van de dag naar iets eetbaars; zoals zaden, wormpjes en insecten. Ze nemen graag een stof- of zandbad en poetsen hun verenkleed met vet uit de vetnippel op de rug. Ze voelen zich prettig als ze dit doen. Bij voldoende voedselaanbod zijn kippen opmerkelijk honkvast en verplaatsen ze zich zelden meer dan vijftig meter van hun slaapplaats.


Wij hebben verschillende kippenrassen los rond lopen:  

Wyandotte    " Koekoe"

Vanaf 1860 zijn er meldingen van de eerste Wyandotteachtige kippen. Een van de eerste fokkers van het ras, Houdlette, noemde het ras uiteindelijk naar het schip van zijn vader, Wyandotte.  De zilver-gezoomde variant was de eerste kleurslag. De Wyandotte is een vrij grote kip met een gewicht van circa drie kilo. Opvallend zijn de ronde vormen en de volle, rijke bevedering.  De dieren zijn vriendelijk, vertrouwelijk en rustig van aard  Ze hebben weinig tot geen neiging om te vliegen en kunnen daarom uitstekend loslopend in de tuin of in een open ren gehouden worden. De dieren zijn sterk en vitaal.

Zijdehoenders   "Lei, Plein"

De zijdehoenders zijn hoogst waarschijnlijk o­ntstaan in China en in Europa geïmporteerd rond 1827. Het lichaam moet rond zijn, de bevedering zacht, de huid donker en de oorlellen lichtblauw. De vacht van de zijdehoender lijkt eigenlijk meer op wol dan op een verenpak. Deze vacht is super zacht en voelt aan als zijde, vandaar krijgt de kip dan ook de naam zijdehoender. Zo’n zachte vacht is uniek binnen alle vogelsoorten. De hennetjes hebben een bolstaande kuif en de haantjes hebben een typerende, achterwaarts staande kuif. De zijdehoen staat bekend om zijn rustige en vertrouwelijke aard en is makkelijk handtam te maken. De hennetjes staan niet bekend als grote ei-leggers (100 per jaar), maar ze blinken wel uit in het broeden en groot brengen van hun kroost.

Barnevelder   "Vonne, Vera"

De Barnevelder dankt haar naam aan de plaats waar ze is ontstaan in de 12e en 13e eeuw. Naast de dubbel-gezoomde (roodbruin met zwartgroene dubbele zoom) Barnevelder komen er blauw dubbel-gezoomde, witte en zwarte voor. De helderrode, enkele kam staat rechtop, is middelgroot, regelmatig getand en voorzien van 5 kampunten. De oor- en kinlellen zijn levendig rood. De romp is diep, breed en vol.  Bij de hennen is de staart meestal matig ontwikkeld. Barnevelders zijn in de omgang rustige, vriendelijke kippen en levendig en actief van aard. Een ras dat van nature een grote legkracht heeft, ook gedurende de wintermaanden. Broedsheid komt bij dit ras weinig voor. 

Chabo    "Sjaan, Suki,Taki, Yuki"

De Chabo of Japanse krielkip is een oud ras, afkomstig uit Japan, vermoedelijk ontstaan tijdens de Tokogawa dynastie (1603-1867) uit dieren afkomstig uit China. In het verleden namen rijke Japanse dames deze kippen mee in kleine kooien of mandjes als ze naar de stad gingen. Ook zijn er verhalen bekend dat ze deze mandjes met Chabo’s en al ophingen in bomen als tuinversiering. Deze krielen waren in die tijd zoiets als schoothondjes voor de dames uit welgestelde kringen. Door zijn karakter en rust is het van oudsher een geweldig hobbydier. De kleine kip met de korte pootjes bestaat alleen in de krielvorm, draagt de buik bijna tot op de bodem, terwijl de vleugeleinden net de grond aanraken: geen andere kip ziet eruit als deze Chabo.

Hollands hoen    "Karel"

 Er stroomt zeker Hollands bloed door de aderen van dit hoen, maar het is aan Engelse fokkers uit de negentiende eeuw te danken dat er een ’gepeld’ Hollands hoen ontstond. Het Hollands hoen is een apart ras. Het kent verschillende verschijningsvormen (gepeld, geloverd en enkelkleurig). Hollandse Alle-dags-leggers was hun bijnaam, vermoedelijk te danken aan de uitbundige leg in het voorjaar en de zomer. Ze zijn te herkennen aan hun opgerichte houding met de fraaie rond gevormde brede borst en rijk ontwikkelde staart. Kenmerkend is verder de middelgrote rozenkam, die eindigt in een fijne punt.  De ogen zijn vrij groot, met een levendige uitdrukking. De oren zijn wit, middelgroot en rond.

Hollands Kuifhoen     "Beitske, Boukje"

Dit ras is terecht het vlaggenschip onder de Nederlandse hoenderrassen.
 een dier met een adellijke uitstraling, niet in de laatste plaats veroorzaakt door een hoofd vol met veren. Alsof de kip een hoed heeft opgezet waarmee zij moet verschijnen bij de koningin. Die associatie is niet zo vreemd, want het kuifhoen was eeuwen geleden een gewild relatiegeschenk op hoog niveau. De meest bekende en meest voorkomende is het zwarte hoen met een witte kuif.  Kuifhoenders zijn sierlijke en aanhankelijke hoenders die aardig wat eieren leggen, maar helaas nauwelijks broeds worden. 

Sabelpootkriel     "Jip, Jul, Snelle Jelle"

De sabelpootkrielen komen  oorspronkelijk uit Azië, waar ze bekend stonden als Bengaalse of Bantamkrielen. Ze lijken sterk op de kippen die de Venetiaanse ontdekkingsreiziger Marco Polo (1254-1324) in zijn reisverhalen beschreef.  Kippen met zoveel veren aan voeten en poten dat het wel lijkt alsof ze op een voetstuk staan. Nog altijd beschikken de sabelpootkrielen over deze ”voetbevedering”, waarbij vooral de stijve veren aan de benen opvallen: die steken schuin naar achteren en hebben de vorm van sabels. Aan deze veren, gierhakken genoemd, ontleent de sabelpootkriel zijn naam. Ze hebben een rustig en tegelijk levenslustig karakter. Sabelpootkrielen zijn zeer vitale dieren.

Pauwen   "Donder en Fiona"

De blauwe pauw komt uit India en Sri Lanka. Ze leven van nature in kleine families bestaande uit één haan en één tot vijf hennen. De pauw is beroemd om zijn lange sleep, die hij als een waaier kan opzetten. Hiermee pronkt hij om een vrouwtje te veroveren. Vrouwtjespauwen hebben geen sleep en ze zien er niet zo opvallend uit als de mannetjes, omdat zij bij het uitbroeden van haar eieren zo onzichtbaar mogelijk moet zijn voor vijanden.  Pauwen ruien één keer per jaar aan het einde van het broedseizoen (eind juli) dan verliest de haan ook zijn hele staart. In februari heeft hij weer een nieuwe prachtstaart  Het zijn loopvogels, ze zoeken hun voedsel op de grond.  Ze kunnen heel hard rennen, maar niet zo goed vliegen. Ze slapen in bomen. Pauwen worden bij voorkeur vrijlopend gehouden. De hanen kunnen erg hard schreeuwen. Zijn roep klinkt als: Ekkoh-Ekkoh en Paaauw-paaauw- paaauw!  Pauwen zijn erg nieuwsgierig, ze kunnen zo tam worden dat ze uit de hand eten maar kunnen soms agressief zijn naar ander pluimvee. Pauwen komen voor in oeroude volksverhalen, daarin horen pauwen bij de liefde en bij de goden,  het brengt geluk als je een pauwenveer vindt! Als pauwen een goed leven hebben, kunnen ze in gevangenschap 20 tot 30 jaar oud worden.  Hun nest, een kuiltje in de grond tussen de struiken, wordt bedekt met wat dorre bladeren of gras. Het vrouwtje legt gewoonlijk vier tot acht bijna-witte eieren. Het uitbroeden duurt ongeveer 28 dagen. De haan blijft in de buurt. Jonge pauwtjes worden met veertjes geboren, niet met dons, zoals veel andere kuikens. Ze oefenen al heel jong om te pronken, ze trillen met hun vleugeltjes en zetten hun kleine staartveertjes op. De kuikens worden alleen door de moeder verzorgd. 

Parelhoenders    "Oda, Ota, Ola"

Helmparelhoenders zijn afkomstig uit Afrika, waar ze van oudsher leefden op warme, redelijke droge en open vlaktes met enkele bomen en struiken. De parelhoen is een warmbloedig dier dat goed tegen kou kan. De spikkels op hun verenkleed lijken op pareltjes. Parelhoenders laten elkaar met luid getetter weten waar ze zijn. Ze kunnen ruim tien jaar oud worden. Parelhoenders zijn lang niet altijd even goede moeders. Ze gaan gerust ‘s avonds een boom in en laten hun kuikens op de grond. Het zijn omnivoren. Ze woelen de grond om op zoek naar o.a. zaden en wormen. Doordat ze hoog gras, bomen en struiken ontdoen van onder meer teken, hebben ze bij sommigen een streepje voor op ander gevogelte. Ook zouden ze met hun lawaai ratten op afstand houden. 

Pekingeend   "Ping"

Een pekingeend (ook wel parkeend of soepeend genoemd) is een eendenras dat afstamt van de wilde eend. De eerste berichtgeving van zware opgerichte witte eenden met een citroengeel verenkleed, vond plaats in Amerika. In Amerika worden zij “The Donalds” genoemd. Dit vanwege het feit dat Walt Disney de karaktertrekken van de Pekingeend gebruikt heeft voor zijn beroemde Donald Duck figuur. Volwassen eenden hebben behoefte aan een goede kwaliteit scharrelkorrel, gemengd met hardvoer (tarwe/mais). Groenvoer is echt een must. Omdat ze erg bewegelijk zijn zullen ze niet gauw vet worden. De eend is het hele jaar in de rui en typisch voor de bevedering is de “kruin” op de kop. Vanwege de zeer losse bevedering zal met langdurige regenval een schuilhok nodig zijn, omdat ze, vanwege hun korte nek, niet in staat is om hun verenkleed op de rug in te vetten via de stuitklier. Ze slapen liggend met de kop opzij, rustend op de grond. De pekingeend is ongetwijfeld een van de gezelligste en aanhankelijkste onder de tamme eenden. Een vijver is echt noodzakelijk, ze hebben daar het grootste plezier in.

Muskuseend   "Lies en Loes"

De Spaanse ontdekkingsreizigers die de muskuseenden in de zestiende eeuw vanuit Midden- en Zuid-Amerika mee naar Europa namen, wisten dat ze op de terugtocht geen honger hoefden te lijden. De redelijk zware muskuseend mag zich zeker niet moeders mooiste noemen, met z’n rare rode wratten op de neus en rond de ogen en zijn korte poten en grote voeten, waar niet alleen een paar zwemvliezen maar ook klauwtjes aan zitten . Maar aantrekkelijk zijn ze wel, vanwege hun tamme, sympathieke karakter. Deze dieren hebben veel ruimte nodig, een schuilgelegenheid en een platte bak met water. Op het menu van de muskuseenden staan gras, voedselresten, wormen en insecten. Het zijn meester in het wegvangen van vliegen. Deze eendensoort is niet alleen zeer vruchtbaar, de vrouwtjes zijn ook goede broeders. Hoewel er meldingen zijn van maar liefst dertig eieren per nest, broedt de eend meestal zo’n tien tot zestien eieren uit die na 35 dagen uitkomen.

Indische loopeend   "Hitam en Putih"

De Indische loopeend is een zeer oud ras en komt voor op in steen gehouwen afbeeldingen in tempels van meer dan 2000 jaar oud. Oorspronkelijk komt hij uit Indonesië waar hij op JavaLombok en Bali gehoed werd in afgedroogde rijstvelden. Hier deed hij zich tegoed aan de overgebleven korrels en insecten en zorgde en passant voor de bemesting. Verder was hij daar met zijn hoge leg van gemiddeld 175 eieren op jaarbasis een belangrijke bron van voedsel. Zijn bijna kaarsrechte houding met uitgestrekte lange hals en zijn romp in de vorm van een fles heeft ongetwijfeld voor de bijnaam 'flesseneend' gezorgd. Hun tred is niet lomp en waggelend zoals bij de meeste eenden. Integendeel, ze lopen echt en op hun elegante eigen manier. Het is een sterk, gehard dier dat weinig eisen stelt aan zijn omgeving. Een troep loopeenden zal elkaar altijd volgen en is zowel qua insectenbestrijding als voorplanting zeer productief. De dieren zullen je tuin vrijwel slakkenvrij houden!