De varkens

Het gewone tamme varken stamt af van het wilde zwijn. Varkens werden 5000 tot 6000 jaar geleden gedomesticeerd. Een jong varkentje wordt een big genoemd, een vrouwtjesvarken een zeug en een mannetjesvarken een beer. Een barg of borg is een gecastreerd mannetjesvarken. Een gelt is een vrouwtjesvarken dat nog niet geworpen heeft. De draagtijd van een zeug is ongeveer 115 dagen (3 maanden, 3 weken en 3 dagen). Een varken kan wel tot 20 biggen per worp krijgen, gemiddeld worden er ongeveer 13 levende biggen geboren. Een worp biggen wordt een toom of nest genoemd. Biggen worden onderscheiden in zuigende biggen en gespeende biggen. Zuigende biggen drinken melk bij een zeug. Zuigende biggen heten zo totdat zij gespeend worden, het spenen gebeurt tussen de 21 en 28 dagen na de geboorte. Op biologische varkensbedrijven wordt pas na 42 dagen gespeend. Na het spenen spreken we van een gespeend big.

Peppa : 17-7-2014 geboren

De Bonte Bentheimer is een oud varkensras dat van eind 1800 tot halverwege de twintigste eeuw veel voorkwam in de grensstreek van Bad Bentheim en Twente. Ons Bentheimer varken is een vrolijk, vriendelijk middelgroot landvarken met loboren, een onregelmatig zwart vlekkenpatroon en een langgerekt lijf. Bentheimers rennen graag buiten rond en vinden het heerlijk om in de grond te wroeten. Peppa wil graag aandacht en geaaid worden, maar kan bijten als iets haar niet zint, zeker als ze berig is. Schouderhoogte en gewicht van de zeug: 70 cm en 180 kg. Helaas hebben wij 9 mei ons grote varken Peppa na goed overleg met onze veearts moeten laten inslapen. Ze stond vanaf 1 mei niet meer op, alleen met zware pijnmedicatie stond ze nog op om te eten maar dan ging ze meteen weer liggen. Wat er precies met haar manke rechter achterpoot aan de hand was zullen we nooit weten, maar dat ze erg veel pijn had weten we zeker. Met pijn in ons hard hebben wij deze beslissing voor haar genomen. Ze is snel en rustig ingeslapen.

Jos (rood / zwartgevlekt ) en Jaro ( rood krulhaar ): 15 -7 – 2014 geboren

Onze hompigge Kunekune varkens komen oorspronkelijk uit Nieuw Zeeland. Hun naam wordt in het Nederlands uitgesproken als “koenie koenie” en staat voor “vet en rond” in de taal van de Maori’s. Hun hele lichaam is met haren begroeid. Dit kan gaan van kort en strak naar lang en gekruld haar. Ze hebben een medium tot korte snuit en zowel punt- als flaporen, korte benen en een kort rond lijf. Het meest ongewone van de meeste Kunekunes is een paar kwastjes onder hun kin. Deze kwastjes heten piri piri’s.Ze worden tot zo’n 76 cm hoog en kunnen tussen de 55 en 95 kg wegen. Ze hebben een verrukkelijk temperament: rustig, vreedzaam en heel vriendelijk. Ze bloeien helemaal op in menselijk gezelschap.

Ons nieuwe Husumer zeugje Jodi is 30 augustus op onze boerderij gekomen. Ze is 15 juni geboren

Husumer varken
Al rond het jaar 1000 kwamen er in Duitsland aan de schleswigholsteinischen westkust varkens met een roodbonte kleuring voor in het gebied rond Husum. Het Roodbonte Husumer varken is dan ook waarschijnlijk ontstaan uit deze kruisingen samen met de invloeden van o.a. de Holsteiner, het Engelse Tam-Worth varken en met andere uit een roodkleurige variant van het Angler-zadel varken. Het Roodbonte Husumer varken heet ook wel het Roodbonte Protest varken, eind negentiende begin twintigste eeuw ontstaan bij een Deense minderheid in Duitsland, het was deze Deens sprekende Duitse Frieze toen verboden eerbied te tonen aan de Deense vlag of om deze te hijsen. Uit protest hebben ze toen in vrij korte tijd het Roodbonte Husumer varken gefokt, waarvan de tekening lijkt op de Deense nationale vlag. Alle varkens van dit ras hebben rood haar en een witte streep in het midden. Het ras werd pas erkend in 1954 en al in 1968 werd het als verloren beschouwd. Tot in 1984 een aantal enthousiaste fokkers de handen ineen sloegen en besloten het ras van de ondergang te redden. De belangstelling is zins dien steigende echter zijn er wereldwijd naar schatting nog steeds niet meer dan 300 stuks. Kenmerken: Schofthoogte: Beer 90-95 cm, Zeug 80-85 cm. Gewicht: Beer 300-350 kg, Zeug 250-300 kg. Kleur: Rood met een wit zadel, bij oudere dieren wordt de rode kleur vaal. Eigenschappen. Het Roodbonte Husumer varken is vitaal, robuust en gauw tevreden, het is een winterhard varken en beschikt over goede moedereigenschappen. IMG_4947
Verhaaltjes over Peppa
Puber
Varkens knorren, maar Peppa hinnikt. Met elke nieuwe uithaal zie je dat ze uit alle macht de adem uit haar longen perst, haar roze flanken hard samentrekkend. De kunekune varkentjes Jaro en ?? trekken zich niets aan van de herrieschopperij van Peppa, ze scharrelen zachtjes knorrend naast haar bij het hek. De twee zijn zo klein dat ze onder de buik van Jaro kunnen staan en dat was dan ook vanaf het begin dat ze gingen samenwonen met Peppa hun lievelingsplekje. Dat blijft waarschijnlijk zo, want hoger dan dit worden ze niet. Peppa wel. Krummel, een legendarisch varken op de kinderboerderij, werd wel driehonderd kilo. De varkens op de kinderboerderij zijn overigens altijd meisjes. Mannetjes stinken teveel! Dat Peppa zoveel kabaal maakt, wil trouwens niet zeggen dat er iets aan de hand is. Ze is nog maar een puber, en die mogen zich graag een beetje uitsloven.
Spelen met je eten
Peppa kraakt een walnoot tussen haar kiezen, met dop en al. Ze heeft hem gevonden in de wei. Die allang geen wei meer is, want varkens wroeten en Peppa, Jaro en ?? hebben grondig werk verricht. Die walnoten komen daar niet zomaar. Ze worden er neergegooid, zodat de varkens ze als paaseieren kunnen gaan zoeken. Peppa en de kunekunevarkentjes hebben ook een bal met gaten waar mais in kan. Als ze de bal omrollen, valt er mais uit. Snoepen en spelen tegelijk! Voor de bal leeg is, zijn ze wel even bezig. Verder eten de varkens bix – dierenvoer in brokjes – en als het er is ook groenvoer. Andijvie, sla, komkommer, pompoen, tomaat, varkens lusten alles, behalve uien en prei. Peulvruchten mogen ze niet, daar kunnen ze niet tegen, en mocht je aardappelschillen aan het sparen zijn voor Peppa en haar vriendinnetjes: vergeet het maar. Aardappels worden zo bespoten, dat ze die tegenwoordig niet meer kunnen eten.
Lief varken
Peppa ligt op haar rug in de wei. Het zonnetje schijnt en varkens zijn net als wij zonaanbidders. Dat levert complicaties op, want varkens hebben geen dikke vacht en kunnen, ook net als wij, behoorlijk verbranden. Dat wordt dus smeren, gewoon, alweer net als wij, met zonnebrandolie. Geen probleem, want Peppa is een lief varken, zij laat zich zonder morren aaien en insmeren. Het allerliefste varken ooit op kinderboerderij De Pijp was Krummel, vindt vrijwilliger Ans. Varkens zijn haar lievelingsdieren en ze heeft er in de 25 jaar dat ze in kinderboerderij De Pijp meewerkt heel wat meegemaakt. Krummel was gigantisch, ze woog wel 300 kilo, Krummel was op de kinderboerderij toen de varkens nog regelmatig biggetjes kregen. Krummel kreeg de hare altijd om 12 uur ‘s nachts. Kleine biggetjes gaan trouwens gillen als je ze aanraakt. Slim van ze, want als ze zich niet laten horen, kan hun moeder per ongeluk bovenop ze gaan liggen. Als ze gillen zeggen ze dus eigenlijk ‘Oppassen! Ik ben hier!’ Maar Peppa zal geen biggen krijgen: dieren van de kinderboerderij blijven er hun hele leven en als de varkens zouden “biggen”, zou het dus overvol worden.
Varkens kunnen alleen in z’n vooruit
Peppa is zindelijk. Maar dat is normaal, want varkens hebben een vaste plek waar ze hun behoefte doen. Peppa en haar kompanen hebben dan wel hun hele wei omgespit en mogen graag in de modder liggen, eigenlijk zijn het schone dieren. Slim zijn ze ook. Maar er zijn dingen die ze niet kunnen. Achteruit lopen bijvoorbeeld. Dat was een aantal jaren geleden een groot probleem toen vrijwilliger Bert het hek niet achter zich dicht had gedaan en het 300 kilo zware varken Krummel ontsnapte. Bert zette vervolgens de deur van het werkhok open, waar Krummel prompt naar binnen stapte. Maar daar zat ze meteen vast omdat de ruimte te smal was om te keren. Over de hoge drempel achterwaarts het werkhok weer uit was geen optie. Het duurde een hele tijd voor de sleutel van een oude deur aan de andere kant van het werkhok terug werd gevonden en Krummel de grote stap voorwaarts kon maken...
Gehoord op de boerderij:
Bij de maisautomaat staat een heel klein meisje met een net getapte beker mais. Gans Remi, geen kleine jongen, heeft het op de beker voorzien en komt blazend op haar af. Het kleine meisje drukt de maisbeker tegen zich aan en zegt kordaat: «Je mág niet blazen, dat is niet lief! Dat vind je ook niet leuk als ik dat bij jou doe!»